De overheid geeft door middel van een praktische beschermmaatregelen, onderzoek en voorlichting bijzondere aandacht aan het behoud van de in de lijst opgenomen soorten. Op de Rode lijst staan uitsluitend vissoorten, die zich in Nederland voortplanten, dus geen trekvissen zoals de zalm en de aal.
De zeldzaamheid van een vissoort wordt hierbij eveneens aangeduid. Deze aanduiding is ontleend aan de criteria voor opname van vissoorten in de Rode Lijst Zoetwatervissen.
De klassen van zeldzaamheid zijn gebaseerd op het aantal 5x5-kilometerhokken waarin de vissoort in Nederland is aangetroffen. De kaart van Nederland kan in 1649 van zulke ‘uurhokken’ worden onderverdeeld.
De volgende zeldzaamheidsklassen zijn onderscheiden:
- Algemeen: vissoort is aanwezig in meer dan 25% van de uurhokken.
- Vrij zeldzaam: vissoort is aanwezig in 5-25% van de uurhokken.
- Zeldzaam: vissoort is aanwezig in 1-5% van de uurhokken.
- Zeer zeldzaam: vissoort is aanwezig in minder dan 1% van de uurhokken.
De volgende vissen staat op de Rode Lijst:
- Alver
- Barbeel
- Beekforel
- Beekprik
- Dwergbolk
- Dwergbot
- Elrits
- Fint
- Geep
- Gestippelde alver
- Gevlekte griet
- Grote modderkruiper
- Grote pieterman
- Horsmakreel
- Houting
- Kabeljauw
- Kleine koornaarvis
- Kleine slakdolf
- Kopvoorn
- Kortsnuitzeepaardje
- Kroeskarper
- Kwabaal
- Makreel
- Puitaal
- Rivierdonderpad
- Rivierprik
- Serpeling
- Slakdolf
- Sneep
- Spiering
- Steenslijmvis
- Steur
- Tongschar
- Trompetterzeenaald
- Vlagzalm
- Vorstkwab
- Wijting
- Zeepaardje
- Zeeprik
- Zeestekelbaars
- Zwartooglipvis
