Dit vang je vanaf de kant
In de winter vang je vooral bot en schar. In de zomer en 's nachts pakt je hengel vaker tong. Af en toe vang je ook bot en schol. Gebruik de Zeevissengids van de Sportvisunie om vissen te herkennen.
Gul / kabeljauw
Jonge gul en volwassen kabeljauw trekken in het najaar naar de kust. In januari en februari zwemmen ze naar dieper water om te paaien. In het voorjaar komen ze kort terug onder de kust. Vanaf de kant vang je kabeljauw bijna altijd aan natuurlijk aas. Ver uit de kust, bij wrakken, vang je ze ook aan kunstaas.
Let op: voor kabeljauw gelden specifieke regels.
![Kabeljauw (gul) op strand] (https://www.vissendoejezo.nl/img/kabeljauw-jpg_698.JPG)
Zeebaars
Zeebaars bereikt in enkele gevallen een meter lengte. Langs de kust vind je ze van mei tot half oktober. Je vangt ze aan zowel natuurlijk aas als kunstaas. Zeebaars levert veel sport en vecht hard.
Makreel
Makrelen komen in scholen voor in de zomer. Ze jagen op zandspiering, jonge haring (zeebliek) en sprot. Krijsende meeuwen wijzen vaak jagende makrelen aan.
Gebruik een zeewerphengel met een verenpaternoster en kleurrijke kippenveren om dicht bij de jagende school te vissen. Werk je liever actief? Pilkertjes, lepels, spinners of twisters geven meer sport aan een lichte werphengel. De meeste makrelen meten 30, 40 cm. Makrelen bereiken ook ruim een halve meter.
![Makreel in het water] (https://www.vissendoejezo.nl/img/makreel-jpg_699.JPG)